In Nederland zijn ongeveer 26.000 doktersassistenten actief. De meesten daarvan werken in de huisartsenzorg: in een praktijk, op een post of in een multi-disciplinair gezondheidscentrum. Anderen zijn werkzaam op poli’s van ziekenhuizen, in de jeugdgezondheidszorg (JGZ) en bij arbodiensten. Maar ook bij verpleeg- en verzorghuizen, asielzoekerscentra, bloedlabs, het Ministerie van Defensie en bij multinationals met reizende werknemers vinden we doktersassistenten.

Doktersassistent betekent letterlijk het assisteren, ondersteunen van de behandelaar. Het beroep is echter veel complexer en uitgebreider. De doktersassistent heeft een eigen, herkenbare bijdrage in de gezondheidszorg en is een professionele en deskundige beroepsbeoefenaar. Eigenschappen waarover de doktersassistent beschikt zijn onder andere:

  • goed met mensen kunnen omgaan
  • initiatief kunnen nemen
  • zorgvuldigheid
  • kunnen werken onder tijdsdruk

Beroepscompetentieprofiel

In 2013 heeft de Nederlandse Vereniging van Doktersassistenten (NVDA) een nieuw beroepscompetentieprofiel (BCP) uitgebracht. Het BCP beschrijft het beroep van de vakvolwassen doktersassistent en geeft aan over welke kwaliteiten een doktersassistent moet beschikken om het beroep te kunnen uitvoeren. Het biedt informatie over de werkvelden waarin een doktersassistent werkzaam is, het loopbaanperspectief en de trends die van invloed zijn op het beroep.
De kwaliteiten van de doktersassistent zijn beschreven aan de hand van het CanMEDS-model (Canadian Medical Education Directives for Specialists). Dit model onderscheidt zeven competentiegebieden (vakinhoudelijk handelen, communiceren, samenwerken, organiseren, maatschappelijk handelen, leren & ontwikkelen en professioneel handelen). Deze competentiegebieden overlappen elkaar waarbij de rol van ‘medical expert’ de integrerende kern van het beroep vormt.

Loopbaanmogelijkheden

De doktersassistent heeft verschillende loopbaanmogelijkheden.

  • Een andere functie binnen een ander (type) organisatie. Er is ‘alleen’ sprake van andere taken. Zo kan de ene assistent zich meer bezighouden met baliewerkzaamheden en administratie, terwijl een andere assistent spreekuren houdt voor controles en onderzoek. Hoe groter de organisatie, hoe meer specialisatie er mogelijk is.
  • Een hogere functie waarbij sprake is van meer verantwoordelijkheid en zelfstandigheid. Er kan daarbij sprake zijn van specialisatie op zorginhoudelijk gebied of op het gebied van organisatie en management. Mogelijke functies zijn:
    • Praktijkondersteuner huisartsenzorg,
    • Specialistisch assistent in het ziekenhuis (bijvoorbeeld Dermatologieassistent, KNO-assistent)
    • Coördinerend assistent,
    • Praktijkmanager,
    • Seniorassistent (bij arbodienst, GGD en jeugdgezondheidszorg)

De benaming en de invulling van de betreffende functies zijn afhankelijk van het type organisatie. Verschillende CAO’s maken gebruik van een functiewaarderingssysteem om te bepalen of een functie anders gewaardeerd wordt. In de Handleiding_fwhz-01022016 functiewaardering vind je een uitgebreide omschrijving van de verschillende functies in de Huisartsenzorg zoals Doktersassistent A, Doktersassistent B en Leidinggevend Doktersassistent. Kijk ook op de site van LHV.nl voor meer informatie.

Aanvangssalaris

De Cao Huisartsenzorg 2017 – 2019 (met ook de nieuwe salaristabelen per 1-9-2017 en 1-7-2018) is geldig van 1 maart 2017 tot 1 maart 2019 en geldt voor alle huisartsenpraktijken in Nederland.

  • Salaris Doktersassistent (beginnend) is dat volgens schaal 4 (conform FWHZ) € 1.953,-
  • Salaris Praktijkondersteuner (beginnend) is dat volgens schaal 7 (conform FWHZ) € 2.863,-